Interstitiële Longziekte

De term interstitiële longziekten of interstitial lung diseases (ILD) is een verzamelnaam voor meer dan 100 verschillende longaandoeningen. Kenmerkend is de aanwezigheid van te veel cellen of stoffen in de longblaasjes of in de ruimte ertussen.

De meeste interstitiële longziekten zijn zeldzaam. Geschat wordt dat er in Nederland ongeveer 20.000 mensen met een ILD. Ter vergelijking: COPD komt ongeveer 15 maal zo vaak voor.

Oorzaken van interstitiële longziekte

Interstitiële longziekten kunnen veel oorzaken hebben, zoals:

  • gegeneraliseerde bindweefselziekten zoals reuma
  • (langdurige) blootstelling aan bepaalde stoffen
  • sigarettenrook

In ongeveer tweederde van de gevallen is de oorzaak nog onbekend. Men spreekt dan van 'idiopathische ILD's'.

Enkele voorbeelden van 'idiopathische ILD's'

Sarcoïdose

De meest voorkomende interstitiële longaandoening is sarcoïdose (ziekte van Besnier-Boeck). Bij deze ziekte ontstaan ontstekingen in meerdere organen of weefsels van het lichaam. Daarbij hopen grote hoeveelheden witte bloedcellen (leukocyten) zich op tot granulomen.

Meestal verdwijnen de granulomen in de loop van 2 tot 3 jaar vanzelf. Maar ongeveer 30% van de patiënten houdt last van granulomen. Ze zijn vaak vermoeid, hebben pijn of last van een voortdurend grieperig gevoel. In het meest ernstige geval vormt zich uit de granulomen littekenweefsel, wat leidt tot blijvende orgaanschade.

Longfibrose

Longfibrose ontstaat door ophoping van littekenweefsel bij de longblaasjes. Een andere ziekte als sarcoïdose of een reumatische aandoening kan de oorzaak zijn. Maar ook het inademen van kwartstof kan leiden tot longfibrose.

Is er geen aanwijsbare oorzaak is, dan wordt de ziekte idiopathische pulmonale fibrose (IPF) genoemd. Bij deze vorm gaat het oppervlak van de longblaasjes herhaaldelijk stuk en ontstaat er veel littekenweefsel.

Social
  • Facebook
  • Linkedin
  • Youtube